logo
 

“Meer wiel-aan-wiel gevechten zonder DRS”

28 maart 2019 — Dit jaar is Marcus Ericsson aan de slag in de IndyCar, een raceklasse die veel minder de nadruk legt op technische snufjes. In een reeks tweets laat de Zweed alvast weten dat hij de DRS uit de Formule 1 niet mist.

Dit bericht bekijken op Instagram

Een bericht gedeeld door Marcus Ericsson (@ericsson_marcus) op

Na vijf seizoenen in de F1, eerst bij Caterham en daarna bij Sauber, moest Marcus Ericsson zich dit seizoen tevreden stellen met een plaats als derde rijder bij Alfa Romeo. Dat betekent niet dat de Zweed nu werkloos op de bank zit te wachten tot er iets gebeurt met de twee vaste rijders van Alfa Romeo want hij is ook aan de slag in de IndyCar als vaste rijder van Team Arrow Schmidt Peterson Motorsport.

In de IndyCar kunnen de rijders geen beroep doen op systemen zoals DRS om tegenstanders in te halen en dat heeft Ericsson naar eigen zeggen nog geen seconde gemist. Op Twitter ventileert de Zweed zijn mening over het invoeren van een derde DRS-zone voor de tweede manche van het F1-kampioenschap in Bahrein.

“Een van de dingen die ik zo goed vind aan de IndyCar tot dusver is het feit dat we geen DRS hebben, zo zie je je meer echte wiel-aan-wiel en bocht-tot-bocht gevechten. Je wacht niet op een DRS-zone, je doet het gewoon als de kans zich voordoet.”

“DRS zorgt er wel voor dat er meer ingehaald wordt. Maar zijn dat wel echte gevechten, want dat is toch wat we allemaal willen zien? Gewoon mijn bescheiden mening,” gaat Ericsson verder.

“Ik beweer ook niet dat ik het antwoord heb. Ik weet wel dat je vanuit het standpunt van de rijder veel agressiever moet zijn en ervoor gaan als je de kans hebt, overal op het circuit en niet wacht op een DRS-zone om er op een ‘veilige’ manier langs te gaan.”

Het debuut van Ericsson in de IndyCar verliep niet onaardig, hij vocht zich van de zestiende plaats naar voren tot de vijfde plaats in Austin maar bij zijn laatste pitstop kreeg hij een straf voor een unsafe release. Dat betekende dat de Zweed achteraan het veld moest aansluiten en er niet meer in zat dan een vijftiende plaats.


Geschreven door Geoffrey Van den Elshout

Categorieën: Marcus Ericsson

Verwante nieuwsitems

F1Journaal Specials

GP van Australië